dinsdag 30 juni 2009

Eerbetoon aan Moonraker

Natuurlijk heb ook ik herinneringen aan Moonraker! De film die deze zomer zijn dertigste verjaardag viert. In navolging van CBn hierbij mijn bijdrage:

Ten eerste werd ik geboren tijdens de opnames van de film. Geen idee welke scène op 13 november 1978 aan de beurt was, maar dat terzijde.

In de videotheek had ik de band van Moonraker regelmatig zien staan. Dat moet geweest zijn ergens eind jaren tachtig. Omdat ik nog niet alle Bond-films kende, was dit voor mij één van de vele films uit een reeks van misschien wel honderd. Ik had echt geen idee. En Roger Moore bekoorde mij overigens helemaal niet, deze films liet ik daarom ook links liggen. Daarbij leek de cover van de videohoes te veel op een Star Wars-film; Bond in space, ik kon me er echt niets bij voorstellen.

Uiteindelijk begon Roger Moore te wennen. Live and Let Die en The Man with the Golden Gun behoorden tot de leukste Bond-films die ik ooit had gezien. En na The Spy Who Loved Me op tv, kon ook Moonraker niet uitblijven.

In augustus 1993 was het zo ver. Na met mijn zus even hard gelachen te hebben om de rare naam van die producer ‘Broccoli’ (die ik toen voor het eerst opmerkte), volgde een bijzonder amusante film, waar verrassend weinig werd rondgehuppeld op een buitenaardse planeet. Tot mijn grote vreugde uiteraard. Mis vooral het begin niet! Stond te lezen in de Varagids. En die had gelijk.

Na twee uur lol had ik weer een fijne Bond-film gezien. Ik was niet overdonderd, maar die groenteman had wederom een prima product afgeleverd. De film hing van stunts aan elkaar, een logisch verhaal was ver te zoeken, maar verder prima popcorn voor de zaterdagavond.

Nog regelmatig zet ik de film op als behang. Tijdens het stofzuigen. Inmiddels heb ik de prent zo vaak voorbij zien komen, dat ik er niet meer echt voor ga zitten. Ondanks dat Moonraker beslist geen hoogvlieger onder de Bond-films is, heeft de film wel een prima sfeer, en dat is ook belangrijk. Neem Die Another Day, de slechtste Bond-film ooit gemaakt. Die zet ik echt nooit op. Ja, alleen als ik boodschappen ga doen. Hopelijk krijgt die film voor mij ook ooit nog een klassieke waarde waardoor ik 'm ga waarderen. Met Moonraker is dat zonder meer gelukt, voor Die Another Day vrees ik het ergste…

zondag 28 juni 2009

No more boleros

'Ben je niet lekker geworden?'

Het is geen hobby van me – kotsen. Zeker niet en plein public. Maar ik kon er echt niets aan doen.

Ik had ze nog niet eerder gezien deze aanplakbiljetten… Oeps, daar komt weer een golf. 'Komt het door de Extran', vraagt Marck. Nee, daar ligt het niet aan. Ik wijs hem op het aanplakbiljet.

'Gerard Joling – leuk is anders, maar letterlijk over je nek gaan vind ik nogal overdreven.' Maar dat is het punt niet. Het gaat om de titel van de show. 'Nu zie ik het ook: For Your Eyes Only', merkt Marck op. Hij kent zijn klassiekers. 'Is dat geen beschermde naam dan?'

Blijkbaar niet. Objectief bekeken is het natuurlijk een doodgewone Engelse aanduiding. Hoewel ik vast niet de enige ben die aan de Bond-titel moet denken, doet hij bij verschillende mensen tal van andere belletjes rinkelen. Zoals daar zijn: de club met schaars geklede tafeldanseressen, de vereniging van vrouwelijke fotografen (waarschijnlijk ook schaars gekleed), het top secret Adobe-portfolioprogramma, de community voor volwassen stripliefhebbers en een brij aan overige (doorgaans) seksueel getinte of quasi-geheimzinnige onderwerpen.

En dus de titel van een programma van de Nederlandse castraatzanger. Van wie ik nog niet zo lang geleden heb gezegd dat hij voor mij na 1989 (ofwel na No more boleros) wel zo’n beetje dood was. En daarmee bedoel ik niet dat de goede man meteen de grond in moet, maar dat het na de jaren tachtig gewoon klaar met hem was. Voor mij dan. Want zijn collegae, een enkele anusgebleekte marktkoopman daargelaten, dragen hem nog steeds op handen. Van Jim 'orkestbak' Bakkum kreeg ik een reprimande toen ik zijdelings refereerde aan Joling. 'Onderschat Joling niet', beet hij me toe. Terwijl ik enkel aangaf dat de hoge noot uit zijn nummer Doe dit doe dat mij aan de Pino van SBS deed denken. Vooral het volume dat het verenpak al glimlachend weet te bereiken, maken zijn medezangers jaloers. Gerards microfoon staat daarom ook standaard op off.

In september treedt Joling met For Your Eyes Only op in Spaarnwoude – en laat ik daar nu net om de hoek wonen. Met plezier zal ik in de tuin mijn oren spitsen en wachten op het nummer waar hij zijn show aan te danken heeft. Beluister het maar op zijn website; Gerard Joling weet Sheena Easton perfect te benaderen…

vrijdag 26 juni 2009

'Allow me to introduce myself - again'

Blofeld is weer hot. Bonds aartsvijand uit een ver verleden laat weer van zich horen. Acteur Michael Sheen (Frost/Nixon) is gevraagd voor de rol, aldus de Britse boulevardpers. Keert de kale kattenvriend na dertig jaar terug?

Nee.

Nu Daniel Craig bezig is met een reboot van de aloude Bond-serie – hij heeft zelf aangegeven dat hij een herintroductie van Q en Moneypenny wel ziet zitten – kan Blofeld ook best worden afgestofd. Of in dit geval zou de boef voor het eerst opduiken, want Craigs Bond heeft You Only Live Twice nooit gezien.

Maar... dit gaat toch niet gebeuren. Echt niet.

Ik ben persoonlijk nooit een fan van Blofeld geweest. De beste performances heeft de SPECTRE-leider gegeven in de films waar hij nauwelijks in beeld kwam (From Russia with Love en Thunderball). In de daaropvolgende delen (You Only Live Twice, OHMSS en Diamonds Are Forever) werd zo gegoocheld (heeft niets met zoekmachine Google te maken) met het personage – hij transformeerde van dwerg via maffiabaas tot kakkerige nicht – dat we eigenlijk helemaal niet weten wie deze vent nu eigenlijk is.

Wat dat betreft zou het in het tijdperk Craig, waarin de karakters beter uitgediept worden, best interessant zijn om de op- en ondergang van zijn grootste vijand te zien. Hoe is hij zo verknipt geraakt? Werd hij gepest op school met zijn afzichtelijke litteken? Of was het de verveling? Wat te doen als je een complete vulkaan hebt uitgegraven? Logisch dat de volgende stap de verovering van de wereld is.

Geven we Ernst Stavro Blofeld daarom nog een laatste kans? Een laatste kans om het nu eens echt goed te doen. Gunnen we het hoofd van SPECTRE één gezicht voor meerdere films? En is het wel SPECTRE? Of is de grote boef dit keer het brein achter Quantum?

…We zullen het nooit weten. Want Blofeld keert niet terug. En daarmee klaar.

zondag 21 juni 2009

Harnas

Het is juni 1989. De Nederlandse filmjournalist Simon van Collem is in Londen, waar hij nietsvermoedend zijn laatste interview afneemt. Zijn gast: Timothy Dalton.

'Gestorven in harnas', stond op 22 juni te lezen in de krant. Als tienjarige kon dat voor mij niets anders betekenen dan dat de goede man een harnas droeg terwijl hij stierf. Vreemde outfit voor een filmpremière. En niet zomaar een première: de Nederlandse galapremière van Licence to Kill.

Het raadsel van het harnas was snel opgelost. Maar het beeld van een dode man in een bioscoopstoel, stond mij lang voor de geest. Ik wist niet beter of Simon van Collem had de eindtitels van Licence to Kill niet gehaald. Maar ook dat bleek niet waar, hoorde ik een aantal jaren geleden van een collega, die destijds als medewerker van UIP aanwezig was bij de première. Van Collem was tijdens de afterparty in Tuschinski in elkaar gezakt. Voor altijd verbonden aan James Bond.


Simon van Collem met Britt Ekland op de set van The Man with the Golden Gun (1974), links Van Collems zoon René, de latere drummer van Doe Maar

Het kleine joodse mannetje Van Collem vluchtte na de oorlog in de illusie die film heet. Als enige van zijn familie had hij de verschrikkingen van 40-45 overleefd. De magische filmwereld, waar niets echt is, bleek de uitstekende verstopplaats.

De grootste wereldsterren kreeg hij aan tafel: Paul Newman, Shirley MacLaine, Woody Allen, natuurlijk Timothy Dalton. Die hij vervolgens in steenkolen Engels bestookte met obligate vragen, als een kind in een snoepwinkel. Het leverde snack-tv op, maar Van Collem wist hiermee wel drommen mensen naar de bioscoop te lokken. Missie geslaagd.

In zijn laatste interview, met Dalton dus, drijft een aardige vraag naar boven: wat vindt de acteur lastiger, het maken van een Bond-film of het complete mediacircus te woord staan? Het antwoord van Dalton laat zich niet raden. Hij heeft nooit graag in het middelpunt van de belangstelling gestaan. In tegenstelling tot zijn vraagsteller.



Vandaag precies twintig jaar geleden, op die snikhete dag in 1989, trok Simon van Collem zijn mooiste outfit aan om op de galapremière van Licence to Kill in Tuschinski te verschijnen. Bij het zien van de kleine kale man op de rode loper had iedereen zich nog afgevraagd: waarom in godsnaam draagt hij een harnas?

zaterdag 13 juni 2009

Sir Christopher Lee

Gefeliciteerd Christopher Lee. Binnenkort mag de 87-jarige acteur zich Sir Christopher noemen. Hopelijk voor hem houdt hij het nog even vol, zodat hij van zijn titel kan genieten. Eigenlijk schandalig dat hij nu pas geridderd wordt. Komt dat misschien door zijn boevenkop?

Christopher Lee – sorry, Sir Christopher Lee, laten we er maar meteen mee beginnen – is een ploert bij uitstek. Via Count Dracula van de Hammer Studios en Bonds vijand Scaramanga naar Count Dooku in Star Wars en tovenaar Saruman in The Lord of the Rings. Een grotere boef in de filmgeschiedenis is bijna niet te noemen, misschien dat het The Queen daarom nooit eerder behaagd heeft hem te laten knielen. Ik hoop trouwens dat ie na het knielen nog omhoog kan komen…

Ook drie hoeraatjes voor acteurs Jonathan Pryce (CBE) en Alan Cumming (OBE), die eveneens in het zonnetje worden gezet door Elizabeth II. De Bond-boeven die tegenover Pierce Brosnan stonden in respectievelijk 1997 en 1995 krijgen, net als Lee, een speld ter ere van hun film- en theaterwerk. Cumming ook voor zijn verdiensten als homo-activist. Zij het dat hun hanger minder zwaar weegt, maar ze zijn dan ook nog geen 87.

Hulde voor Christopher Lee in ieder geval. Maar wel een beetje aan de late kant…

dinsdag 9 juni 2009

De Oscar van Roger Moore

The Godfather-trilogie was weer aan de beurt om bekeken te worden. Eens in de zoveel tijd is het fijn om je weer helemaal onder te dompelen in de donkere sepiabeelden van Gordon Willis en de prachtige muziek van Nino Rota. Deze elementen zijn bijzonder sfeerbepalend voor de film en het succes. Neem daarbij een ijzersterk verhaal en, met name op het eerste en tweede deel, is totaal niets aan te merken.


James Bond en The Godfather. Iconen van de wereldcinema. Toch hebben beide series weinig tot niets met elkaar gemeen. Ik kan bijvoorbeeld zo snel niet bedenken welk cast- of crewlid aan beide projecten heeft meegewerkt. Een van de weinige overeenkomsten is dat in zowel Bond als de Peetvader een romantisch beeld wordt geschetst van respectievelijk de geheime dienst en de georganiseerde misdaad.

Een minder romantisch beeld is de uitreiking van de Oscar aan Marlon Brando, die hij won voor de rol van Vito Corleone. Aan de nieuwe Bond Roger Moore in 1973 de eer het gouden beeldje aan hem uit te reiken. Brando was er niet. In plaats van hem betreedt apache Little Feather het podium. Moore wil haar het beeldje geven, maar ze weigert. Tot grote consternatie van de vrolijke Brit, die bedroefd met 'zijn' Oscar aan de zijlijn blijft staan. Wat volgt is een korte verklaring van de indiaan. Onder boegeroep en applaus verlaat zij korte tijd later het podium. Begrijpelijk maar pijnlijk.



Nu we toch een uitstapje maken: nog pijnlijker is de Honorary Oscar voor regisseur Elia Kazan (nee, niet de vader van onze berooide goochelaar) in 1999. Een aantal Hollywoodsterren als Ed Harris en Nick Nolte weigert te applaudisseren voor de communistenverlinker.

Overigens werd de Oscar van Sean Connery voor The Untouchables (1987) met veel plezier in ontvangst genomen. Evenals de Irving G. Thalberg Award die Roger Moore in 1982 mocht uitreiken aan Albert R. Broccoli.





Maar nog even terug naar 1973. Na afloop van de uitreiking zat de Academy met een extra Oscar in de maag. Belastingtechnisch was het niet verstandig het kleinood te bewaren. En daarom prijkt sinds begin jaren zeventig op de schoorsteenmantel van huize Moore een Oscar-beeldje voor beste acteur. Met over de inscriptie 'Marlon Brando' een stickertje met de naam 'Roger Moore'.

zaterdag 6 juni 2009

De langste dag

D-Day in Normandië. Vandaag is het precies 65 jaar geleden dat de beroemde invasie aan de Frans kust plaatsvond. Bond-veteranen Sean Connery, Gert Fröbe en Curt Jürgens waren erbij. Weliswaar begin jaren zestig, toen de film over deze allesverwoestende slag werd gedraaid.

De film The Longest Day dateert uit hetzelfde jaar als Dr. No. Sean Connery was op dat moment een ster in wording. De echt grote namen waren op dat moment nog John Wayne, Henry Fonda, Robert Mitchum en Richard Burton. Connery's tijd zou nog komen. Qua bekenheid heeft de Bond-acteur dit kwartet inmiddels wel ingehaald. Al was het maar omdat de sterren van toen niet meer in leven zijn.


Volgens de overleveringen regisseerden de grote namen aan deze productie hun eigen scènes. Met een viertal regisseurs op de rol, was het toch moeilijk om een eenheid te smeden van het geschoten materiaal. De reden voor meerdere mannen aan het roer heeft onder meer te maken met de talen van deze epische film. De Fransen spreken Frans en de Duitsers Duits. Dat was voor het eerst in een oorlogsfilm.


Om een goed beeld van de wat tragere film te kunnen geven, zou ik de rolprent opnieuw moeten zien. Ik herinner me Connery maar zijdelings, zijn rol is ook marginaal. Van de langste dag van Curt Jürgens heb ik totaal geen herinnering, maar Gert Fröbe als een beetje sullige soldaat op een ezel staat mij nog helder voor de geest. Niet wetende dat hij twee jaar later tegenover Connery zou staan in de derde Bond-film Goldfinger. Curt Jürgens moest nog even wachten voordat hij kon opdraven in The Spy Who Loved Me.

Ook Golden Gun-acteur Christopher Lee schijnt een screentest gedaan te hebben, maar werd niet goed bevonden. Hij leek te weinig op een militair. Hoewel hij tijdens de Tweede Wereldoorlog toch echt voor de Royal Air Force had gediend.

woensdag 3 juni 2009

De vochtige hand van Willy Krebs

Wat is dat toch een fijn boek: Moonraker. Flemings derde. De schurk Hugo Drax is een heerlijk flamboyante rotzak. Alleen met zijn hulpje Willy Krebs kan ik eerlijk gezegd niet zo veel.

De eerste keer dat Krebs opduikt is halverwege het verhaal. Bond ontmoet hem in het landhuis van Drax aan de Engelse kust, nabij Dover. Daar waar de Moonraker wordt gebouwd. Zoals dat gebruikelijk is bij Flemings boeven, spreekt de handdruk boekdelen. Als Bond Krebs begroet, wordt dit omschreven als: hij raakte een enigszins vochtige hand aan. Sympathieke karakters geven altijd een stevige droge hand.

Bond zag een bleek rond ongezond gezicht dat nu een toonmatige glimlach toonde, die bijna direct weer verdween. Bond keek naar de ogen, ze leken twee rusteloze zwarte knopen en wendden zich af voor Bonds blik. Zijn haar was zo kortgeknipt dat de huid zichtbaar was en hij zou een wezen van een andere planeet hebben geleken zonder de bleke stro-achtige snor. Hij was een karikatuur – een jonge uitgave van Peter Lorre.

Ondanks de omschrijving van Peter Lorre (die trouwens LeChiffre speelde in de tv-versie van Casino Royale in 1954), doet Krebs mij steeds denken aan Mr. Kidd uit de filmversie van Diamonds Are Forever (1971). En dat is geen fijn idee.

Het zal komen door de omschrijving 'karikatuur'. Wint en Kidd (ook wel Dumb & Dumber genoemd) uit DAF zijn dat bij uitstek. En iedere keer als ik over Willy Krebs lees, zie ik die domme kop van Putter Smith voor me. Of in ieder geval van het karakter dat hij speelt, Mr. Kidd. Daar komt bij dat hij later in het boek liefkozend praat tegen elektrische apparaten – een regelrechte gek dus, een typische karikatuur.

Moonraker is geen explosief boek. De sensatie is ver te zoeken. Maar de opbouw zit goed in elkaar en het bridge-spel aan het begin is fenomenaal beschreven. Een van de weinige actiescènes is een nachtelijke achtervolging van Bond op Drax. Krebs krijgt van zijn baas de opdracht om, al rijdend, op een vrachtwagen te klimmen en vervolgens de grote rollen papier los te snijden. Met als gevolg dat de kolossen van de wagen denderen en de Bentley met Bond omver walsen.

Deze actie herinnerde ik mij op een snelweg, op klaarlichte dag. Maar het blijkt bij herlezing op een donkere avond te zijn, op een smalle weg langs een bos. En het mooie van alles is dat de auto's in mijn idee van rechts naar links reden, maar nu ik het opnieuw las de wagens opeens van links naar rechts voorbij kwamen!

Het boek Moonraker is inmiddels tweemaal verfilmd: in 1979 onder de gelijknamige titel met Roger Moore in de hoofdrol, en nogmaals in 2002 onder de titel Die Another Day. Gun de scenarioschrijvers nog één kans om het nu eens goed te doen. Driemaal is scheepsrecht zullen we maar zeggen. En vooruit, Willy Krebs mag er best in. Die haalt het eind van het boek toch niet…